3-697/5 | 3-697/5 |
1 NOVEMBER 2006
Nr. 15 VAN MEVROUW VAN de CASTEELE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 2
De eerste zin van het tweede lid van het voorgestelde artikel 2 vervangen als volgt :
« De Koning bepaalt de werking van dit Meldpunt. »
Verantwoording
Zie nota van de Dienst Wetsevaluatie van de Senaat.
Nr. 16 VAN MEVROUW VAN de CASTEELE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 3
In het voorgestelde artikel 3 de volgende wijzigingen aanbrengen :
A. Het tweede lid vervangen als volgt :
« De Koning bepaalt de werking van de gegevensbank, de voorwaarden van aangifte en registratie van de gegevens evenals de sancties die van toepassing zijn bij niet-naleving van de aangifte. Hij stelt tevens de criteria vast volgens welke de hond een training moet doorlopen. »
B. In de Franse tekst, de eerste zin van het derde lid schrappen.
Verantwoording
Zie nota van de Dienst Wetsevaluatie van de Senaat.
Nr. 17 VAN MEVROUW VAN de CASTEELE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 3
In de Franse tekst van het derde lid van het voorgestelde artikel 3, de woorden « Il peut étendre l'activité de la banque de données centrale en lui confiant la gestion de données supplémentaires. » vervangen door de woorden :
« Il peut prévoir d'alimenter la banque de données de données complémentaires. »
Verantwoording
Zie nota van de Dienst Wetsevaluatie van de Senaat.
Nr. 18 VAN MEVROUW VAN de CASTEELE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 4
In het tweede lid van het voorgestelde artikel 4, de eerste zin vervangen als volgt :
« Het deskundigencomité verstrekt advies op verzoek van de burgemeester of op initiatief van de gouverneur, en dit schriftelijk binnen de week na ontvangst, of zij kan advies verstrekken op eigen verzoek. »
Verantwoording
Zie nota van de Dienst Wetsevaluatie van de Senaat.
Nr. 19 VAN MEVROUW VAN de CASTEELE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 5
In de Franse tekst van de tweede zin van het voorgestelde artikel 5, na het woord « et », het woord « de » vervangen door « consulter ».
Verantwoording
Zie nota van de Dienst Wetsevaluatie van de Senaat.
Nr. 20 VAN MEVROUW VAN de CASTEELE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 6
In het eerste lid van het voorgestelde artikel 6, het woord « gevaarlijke » schrappen.
Verantwoording
Zie nota van de Dienst Wetsevaluatie van de Senaat.
Nr. 21 VAN MEVROUW VAN de CASTEELE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 9
In de derde zin van het derde lid van het voorgestelde artikel 9, na de woorden « eigenaar » en « eigenaars », respectievelijk de woorden « of de bewaarder » en « of de bewaarders » invoegen.
Verantwoording
In hun nota merken de van de Dienst Wetsevaluatie van de Senaat op dat in sommige artikelen er een onderscheid gemaakt wordt tussen de verantwoordelijkheid van de eigenaar alleen en deze van de eigenaar én de bewaarder van de hond.
In artikel 3 is er enkel sprake van de eigenaar omdat men onmogelijk in een gegevensbank kan voorzien wie in de toekomst allemaal de hond in bewaring zal krijgen.
In artikel 5 en 6 vallen de voorwaarden die aan de hond opgelegd worden dan wel onder de verantwoordelijkheid van zowel de eigenaar als zijn eventuele bewaarder.
Dit amendement wijzigt artikel 8 in die zin, dat de eigenaar solidair verantwoordelijkheid blijft voor de kosten van een test (derde lid, eerste zin). Hetzelfde geldt voor de overdracht van gegevens die verbonden zijn aan de verblijfplaats van de eigenaar (vierde lid).
De voorwaarden die een gouverneur eventueel kan opleggen, en dat is voorzien in dit amendement, gelden dan weer wel voor zowel eigenaar als eventuele bewaarder van de hond.
Nr. 22 VAN MEVROUW VAN de CASTEELE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 20
In het voorgestelde artikel 20, de volgende wijzigingen aanbrengen :
A. In de eerste zin het woord « voor » vervangen door « tijdens »;
B. De woorden « de politie, de douane, het leger en de hulpdiensten » vervangen door de woorden « de politie, de douane en het leger ».
Verantwoording
A. Deze wet is niet van toepassing tijdens het gebruik door politie, douane en leger. Indien deze honden buiten hun opdrachten bijgehouden worden door burgers, is deze wet wel van toepassing.
B. De Dienst Wetsevaluatie van de Senaat wijst erop dat dit dubbel gebruik was.
| Annemie VAN de CASTEELE. |
Nr. 23 VAN DE HEER BEKE
Opschrift
Het opschrift vervangen als volgt :
« Wetsvoorstel tot oprichting van een Kruispuntbank van honden. »
Nr. 24 VAN DE HEER BEKE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 2
Aan het eerste lid van het voorgestelde artikel 2 de volgende leden toevoegen :
« Elke politie-inspecteur die van het bestaan van een potentieel gevaarlijke hond, moet de informatie hierover onmiddellijk meedelen aan het meldpunt van de politiezone waartoe de gemeente, waarin men zijn beroep uitoefent, behoort.
Elke verzekeringsmaatschappij die een verzoek tot schadeloosstelling wegens een bijtincident ontvangt, moet de informatie hierover onmiddellijk meedelen aan het meldpunt van de politiezone waartoe de gemeente, waarin het bijtincident plaatsvond, behoort.
Elke rechtbank, waarbij een vordering wordt ingeleid met betrekking tot de aansprakelijkheid als gevolg van een bijtincident, moet de informatie hierover onmiddellijk meedelen aan het meldpunt van de politiezone waartoe de gemeente, waarin het bijtincident plaatsvond, behoort. »
Nr. 25 VAN DE HEER BEKE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 2bis (nieuw)
Een artikel 2bis (nieuw) invoegen, luidend als volgt :
« Iedere hond die een persoon bijt of ernstig verwondt, wordt een potentieel gevaarlijke hond genoemd. Onder « ernstige verwonding » moet een lichamelijke verwonding worden verstaan die een bloeduitstorting of een scheurwond veroorzaakt, dan wel een medische interventie vergt. »
Nr. 26 VAN DE HEER BEKE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 4
Het voorgestelde artikel 4 doen vervallen.
Nr. 27 VAN DE HEER BEKE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 5
Het voorgestelde artikel 5 vervangen als volgt :
« Art. 5. — § 1. Indien een hond gevaar kan opleveren voor mensen of huisdieren, kan de burgemeester op eigen initiatief of op verzoek van een belanghebbende persoon, de eigenaar of de bewaarder van de hond bevelen maatregelen te nemen om gevaar te voorkomen. Hij wijst hiervoor op kosten van de eigenaar of van de houder van de hond een dierenarts-expert aan, die belast is met het toezicht op de betrokken hond gedurende een door de burgemeester te bepalen periode, waarvan de duur gemotiveerd wordt op grond van de concrete omstandigheden van de zaak.
In functie van de bepaalde periode wordt bepaald hoe vaak de eigenaar of de houder de hond moet laten onderzoeken door die dierenarts-expert.
§ 2. Tijdens deze toezichtstermijn kan de burgemeester bij politiebesluit voorlopige maatregelen opleggen ter voorkoming van elk gevaar voor de integriteit en de veiligheid van mensen.
Deze kunnen onder meer bestaan uit :
a) de hond verplicht een muilkorf te laten dragen op de openbare weg en op voor het publiek toegankelijke plaatsen;
b) de hond de toegang te ontzeggen tot bepaalde voor het publiek toegankelijke plaatsen
§ 3. Na afloop van de toezichtstermijn, kan de burgemeester, rekening houdend met het verslag van de dierenarts-expert en de daarin opgenomen aanbevelingen, bij politiebesluit en op kosten van de eigenaar of de houder van de betrokken hond, maatregelen opleggen ter voorkoming van elke vorm van gevaar voor de integriteit en de veiligheid van mensen.
Deze maatregelen kunnen erin bestaan :
a) de in het verslag van de expert aangewezen betrokkene(n) te verplichten cursussen in hondenopvoeding te volgen;
b) de hond verplicht een muilkorf te laten dragen op de openbare weg en op voor het publiek toegankelijke plaatsen;
c) de hond de toegang te ontzeggen tot bepaalde voor het publiek toegankelijke plaatsen;
d) de eigenaar of houder van de hond een verbod op te leggen een hond te houden gedurende een bepaalde periode.
§ 4. De beheerder van de gegevensbank wordt onmiddellijk op de hoogte gesteld van de politiebesluiten die worden genomen overeenkomstig de §§ 1, 2 of 3 en moet die binnen de door de Koning bepaalde termijn registreren.
§ 5. De eigenaar of houder van de hond die de bij §§ 1, 2 en 3 bedoelde politiebesluiten overtreedt, wordt gestraft met geldboete van 100 tot 500 euro.
De rechtbank kan bovendien bepalen dat het de eigenaar of houder niet langer toegestaan is een hond onder zich te houden, definitief of voor een bepaalde periode.
Daarnaast kan de burgemeester bij politiebesluit bevelen dat de betrokken hond in beslag wordt genomen, indien de veiligheid van de bewoners dit verantwoordt. »
Nr. 28 VAN DE HEER BEKE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 7
In het voorgestelde artikel 7, de woorden « na advies van het deskundigencomité » doen vervallen.
Nr. 29 VAN DE HEER BEKE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 8
In het voorgestelde artikel 8, de woorden « na advies van het deskundigencomité » doen vervallen.
Nr. 30 VAN DE HEER BEKE
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 9
Het opschrift van Hoofdstuk VI en het voorgestelde artikel 9 vervangen als volgt :
« Hoofdstuk VI Sancties
Art. 9. — Onverminderd de toepassing van strengere straffen waarin het Strafwetboek voorziet, wordt gestraft met geldboete van 100 euro tot 500 euro, de eigenaar of de houder van de hond die door zijn houding de in artikel 2bis bedoelde gedraging heeft vergemakkelijkt of daartoe heeft bijgedragen.
Onverminderd de toepassing van strengere straffen waarin het Strafwetboek voorziet, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten minste vijf jaar en geldboete van ten minste 2 500 euro, of tot een van die straffen alleen, eenieder die honden heeft afgericht teneinde ze mensen ze te laten aanvallen, met uitzondering van de bepaling vervat in artikel 20.
De rechtbank kan bovendien de eigenaar of houder, die overeenkomstig artikel 9 wordt veroordeeld, een verbod opleggen een hond onder zich te houden, definitief of voor een door de rechtbank te bepalen periode.
Art. 9bis. — In artikel 119bis van de nieuwe gemeentewet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
A) paragraaf 2, tweede lid, wordt in fine aangevuld met de volgende zinsnede : « alsook voor de strafbare feiten bedoeld in de artikelen 5, § 5 en 9 eerste lid van de wet betreffende de oprichting van een kruispuntbank voor honden ».
B) in paragraaf 8, eerste lid, wordt tussen de woorden « van het Strafwetboek » en de woorden « kan de ambtenaar » de volgende zinsnede ingevoegd : « en door artikel 9, eerste lid van de wet betreffende de oprichting van een kruispuntbank voor honden ».
C) In dezelfde paragraaf 8, tweede lid, wordt tussen de woorden « van het Strafwetboek » en de woorden « beschikt de procureur over een termijn », de volgende zinsnede ingevoegd : « en door artikel 5, § 5 de wet betreffende de oprichting van een kruispuntbank voor honden ».
Verantwoording
Aanpassen van het amendement nr. 9 aan het wetsvoorstel nr. 3- 1745.
| Wouter BEKE. |
Nr. 31 VAN DE HEER CHEFFERT
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 3
In het voorgestelde artikel 3, de punten c), d) en e) vervangen als volgt :
« c) de koppeling aan het identificatienummer van de hond van alle strafrechtelijke veroordelingen van de eigenaar van de hond wegens daden van geweld tegen zaken of personen;
d) de koppeling aan het identificatienummer van de hond van alle eventuele bijtincidenten veroorzaakt door de hond;
e) de koppeling aan het identificatienummer van de hond van alle rechtstreekse verwanten, zowel in de rechte lijn als in de zijlijn; »
Verantwoording
Formulering voorgesteld door de dienst Wetsevaluatie.
Nr. 32 VAN DE HEER CHEFFERT
(Subamendement op amendement nr. 9)
Art. 14
In het voorgestelde artikel 14 de woorden « 9 tot 12 » vervangen door de woorden « 10 tot 13 ».
Verantwoording
Het amendement strekt ertoe een foutieve nummering te corrigeren.
| Jean-Marie CHEFFERT. |