3-450/15 | 3-450/15 |
9 MAART 2005
Art. 57
In § 1, derde lid, de woorden « het hoofd van de politie » vervangen door de woorden « de korpschef van de lokale politie ».
Verantwoording
Technisch amendement, voorgesteld door de Raad van State (blz. 46).
Art. 70
De woorden vanaf « hetzij van de plaats van de misdaad » vervangen door de woorden « bevoegd krachtens artikel 59, of aan een officier van gerechtelijke politie ».
Verantwoording
De Raad van State stelt voor zich te baseren op de bevoegdheidsregels voor de procureur des Konings, die in artikel 59 bepaald worden.
De Raad van State is van mening dat het voorgestelde artikel ook van toepassing dient te zijn op de officieren van gerechtelijke politie.
Art. 70
Na het woord « leven », de woorden « , fysieke integriteit » invoegen.
Verantwoording
Het amendement volgt het voorstel van het Hof van Cassatie in zijn advies.
Art. 71
In het voorgestelde 1º, na de woorden « en hun substituten », de woorden « door de arbeidsauditeurs en hun substituten » toevoegen.
Verantwoording
De bevoegdheden van gerechtelijke politie worden ook door de arbeidsauditeurs uitgeoefend (art. 9, 1º, van het Wetboek van strafvordering en advies van de Raad van State, blz. 28).
Art. 71
In het voorgestelde 2º, de woorden « van de wet van 22 december 1998 betreffende de verticale integratie van het openbaar ministerie, het federaal parket en de raad van de procureurs des Konings, » vervangen door de woorden « van het Gerechtelijk Wetboek ».
Verantwoording
Het gaat om een technische verbetering die wordt voorgesteld door het Hof van Cassatie.
Art. 71
In het voorgestelde 2º, de woorden « , onder zijn gezag, » doen vervallen.
Verantwoording
Deze wijziging wordt voorgesteld op basis van het advies van de Raad van State, blz. 28, punt 3.
Art. 76
In het 1º, de volgende wijzigingen aanbrengen :
A. In de Franse tekst, in punt e), het woord « produire » vervangen door de woorden « qu'elle peut produire ».
B. In de Franse tekst, in punt f), het woord « s'abstenir » vervangen door de woorden « qu'elle peut s'abstenir ».
Verantwoording
Technische correctie overeenkomstig het advies van de Raad van State, blz. 29.
Art. 77
In het vijfde lid, de woorden « van de dienst slachtofferonthaal van het parket » vervangen door de woorden « als bedoeld in artikel 38, tweede lid ».
Verantwoording
Technische correctie overeenkomstig het advies van de Raad van State, blz. 30.
Art. 102
In de Franse tekst, in het eerste lid, tussen het woord « et » en de woorden « de toute force probante », het woord « perte » invoegen.
Verantwoording
Technische correctie.
Art. 102
Het tweede lid aanvullen als volgt :
« Deze regel vormt geen beletsel voor de informatieplicht van de deskundige ten opzichte van de magistraat die hem heeft aangesteld en betreffende ieder nieuw element dat hij tijdens het volbrengen van zijn taak ontdekt zou kunnen hebben ».
Verantwoording
Deze aanpassing geeft gehoor aan de opmerking van de Hoge Raad voor de Justitie met betrekking tot de informatiemogelijkheden waarover de deskundige ten opzichte van de gerechtelijke overheden beschikt (advies HRJ).
Art. 103
De eerste zin van het eerste lid aanvullen met de woorden « in volgorde van voorkeur ».
Verantwoording
Volgens het advies van de HRJ moet er een gradatie worden aangegeven met betrekking tot de keuze die gemaakt moet worden tussen de toepassing van de artikelen 103 en 200.
Art. 111
Dit artikel aanvullen als volgt :
« Voor zover mogelijk worden de inbeslaggenomen of overhandigde voorwerpen of documenten in het proces-verbaal geïndividualiseerd. Het proces-verbaal bevat ook de door andere wetsbepalingen voorgeschreven vermeldingen ».
Verantwoording
Overeenkomstig het advies van de Raad van State, dienen de volgende stukken tekst te worden samengevoegd :
— artikel 115, eerste lid, met artikel 110, eerste lid, en
— artikel 115, tweede lid, met artikel 111.
Het inbeslagnemen van documenten of zaken die tot de overtuiging of tot ontlasting kunnen dienen — waarvan sprake in het eerste lid van artikel 115 —, is eigenlijk al begrepen onder het inbeslagnemen van « alles wat kan dienen om de waarheid aan de dag te brengen ». Dat lid kan dus wegvallen.
Er wordt wel voorgesteld om het tweede lid van artikel 115 toe te voegen aan artikel 111, zodat er een nieuwe bepaling bijkomt die stelt dat het proces-verbaal, naast de inventaris van de inbeslaggenomen voorwerpen en de gevolgde procedure, ook de door andere wetsbepalingen voorgeschreven vermeldingen dient te bevatten.
Art. 114
Dit artikel wijzigen als volgt :
A. Paragraaf 2 wordt artikel 114.
B. In het laatste lid van § 2, de woorden « van § 1 » vervangen door de woorden « vastgesteld in artikel 115 ».
C. Paragraaf 1 wordt artikel 115.
Verantwoording
Technische aanpassing op aanraden van de Raad van State.
Art. 115
Dit artikel wijzigen als volgt :
A. Paragraaf 1 doen vervallen.
B. De §§ 2, 3 en 4 worden respectievelijk de §§ 1, 2 en 3 van een nieuw artikel 116.
Verantwoording
A. Deze wijziging is het logisch gevolg van het amendement op artikel 114 van dit ontwerp, aangezien § 1 van artikel 115 is opgenomen in artikel 111.
B. Dit is een technische aanpassing op aanraden van de Raad van State. Ze strekt ertoe de bepalingen inzake beslag onder derden (artikel 115, §§ 2 tot 4) op te nemen in een afzonderlijk artikel (nieuw artikel 116).
Art. 116
Tussen het woord « artikelen » en het cijfer « 242 », het cijfer « 75 » invoegen.
Verantwoording
Volgens de Raad van State (blz. 38) moet het geval van dwang uitgeoefend tegen een persoon die geen gevolg geeft aan een oproep door een officier van gerechtelijke politie, bedoeld in artikel 75, nog worden toegevoegd.
Art. 117
De woorden « alle leden van de gerechtelijke politie » vervangen door de woorden « alle personen die een ambt van gerechtelijke politie uitoefenen en die bedoeld worden in de artikelen 61, § 1, eerste lid, en 73 ».
Verantwoording
Technische verduidelijking.
Art. 118
De woorden « alle leden van de gerechtelijke politie » vervangen door de woorden « alle personen die een ambt van gerechtelijke politie uitoefenen en die bedoeld worden in de artikelen 61, § 1, eerste lid, en 73 ».
Verantwoording
Technische verduidelijking.
Art. 119
Het voorgestelde 5º vervangen als volgt :
« 5º dat het proces-verbaal aan de comparanten te lezen is gegeven, of dat zij hebben gevraagd dat het hun zou worden voorgelezen, dat zij hun verklaring bevestigen en dat zij deze hebben ondertekend. Indien een comparant weigert enige verklaring af te leggen, deze niet kan of niet wil ondertekenen, wordt bovendien melding gemaakt van de redenen die hij daarvoor inroept ».
Verantwoording
Deze tekst brengt artikel 119 in overeenstemming met artikel 76, 3º.
Art. 125
Dit artikel wijzigen als volgt :
A. In de voorgestelde § 2 de woorden « van het openbaar ministerie » vervangen door de woorden « van het parket ».
B. In de voorgestelde § 4 de woorden « van het openbaar ministerie » vervangen door de woorden « van het parket ».
Verantwoording
Technische verbetering op aanraden van de Raad van State.
Art. 126
In de voorgestelde § 2, de woorden « van het openbaar ministerie » vervangen door de woorden « van het parket ».
Verantwoording
Technische verbetering op aanraden van de Raad van State.
Art. 128
In de Franse tekst de woorden « dans les formes suivant les règles déterminées dans le présent Code » vervangen door de woorden « dans les formes prescrites par les dispositions du présent Code ».
Verantwoording
Taalkundige verbetering.
Art. 130
Het eerste lid aanvullen met de woorden « bij wege van een rechtstreekse dagvaarding ».
Verantwoording
Technische verduidelijking op aanraden van de Raad van State.
Art. 130
De eerste volzin van het tweede lid vervangen als volgt :
« Alvorens de persoon die ervan wordt verdacht het strafbaar feit te hebben gepleegd, rechtstreeks voor de correctionele rechtbank te dagvaarden, stelt de procureur des Konings deze laatste, alsook de persoon die een verklaring van benadeelde persoon heeft afgelegd, daarvan in kennis ».
Verantwoording
Een wijziging op advies van de Raad van State, die niet inziet wat het nut ervan is om te verwijzen naar de « bedoeling » van de procureur des Konings.
Art. 139
Het voorgestelde eerste lid aanvullen als volgt :
« In dat geval wijst hij één onderzoeksrechter aan die de leiding heeft ».
Verantwoording
Wanneer meerdere onderzoeksrechters in dezelfde zaak optreden, moet één van hen voor de coördinatie zorgen. De Raad van State vraagt zich ook af hoe het werk zal worden verdeeld wanneer twee onderzoeksrechters worden aangesteld en hoe hun eventuele verschillen zullen worden geregeld (Advies, blz. 48).
Art. 141
In de voorgestelde § 2, 2º, het woord « klacht » vervangen door het woord « burgerlijkepartijstelling ».
Verantwoording
Wijziging op aanraden van de Raad van State (blz. 48).
Art. 144
In het voorgestelde tweede lid de woorden « nietigheid van het gerechtelijk onderzoek » vervangen door de woorden « nietigheid van de verwijzingsbeschikking ».
Verantwoording
De voorgestelde sanctie, namelijk de nietigheid van het gerechtelijk onderzoek, is buitenissig volgens de Hoge Raad voor de Justitie, het Hof van Cassatie en de Raad van State. Zij vinden dat alleen de verwijzingsbeschikking nietig moet zijn.
Art. 166
In het voorgestelde tweede lid na de woorden « spoedeisende gevallen » de woorden « wanneer de noodwendigheden van het onderzoek zich daartegen verzetten » invoegen.
Verantwoording
Zowel de Raad van State als het Hof van Cassatie vinden dat de onderzoeksrechter de mogelijkheid moet hebben om de confrontatie niet of slechts in beperkte mate op tegenspraak te laten verlopen als dat nodig is voor het gerechtelijk onderzoek.
Art. 170
De woorden « op te sporen voorwerpen » vervangen door de woorden « het doel van de huiszoeking ».
Verantwoording
Deze wijziging wordt voorgesteld door het Hof van Cassatie, dat erop wijst dat een huiszoekingsbevel ook met een ander doel kan worden uitgevaardigd dan het beslag van een overtuigingsstuk.
Art. 172
Het woord « langdurig » doen vervallen.
Verantwoording
Zowel de Raad van State (blz. 54) als het Hof van Cassatie menen dat niet moet worden verwezen naar een « langdurige » afwezigheid van de bewoner.
Art. 175
Tussen de woorden « artikel 42 » en de woorden « van het Strafwetboek » de woorden « en 43quater » toevoegen.
Verantwoording
Zowel de Raad van State (blz. 54) als het Hof van Cassatie vinden dat ook moet worden verwezen naar de zaken bedoeld in artikel 43quater van het Strafwetboek, dat wil zeggen, de verdere vermogensvoordelen waarvan wordt vermoed dat ze uit identieke feiten voortspruiten of het vermogen van een criminele organisatie.
Art. 179
In het voorgestelde zesde lid, tussen het woord « Konings » en het woord « de », invoegen de woorden « in afwijking van artikel 128 ».
Verantwoording
Het gaat om een wijziging overeenkomstig het advies van de Raad van State, blz. 56.
Art. 181
In de voorgestelde § 3, het tweede lid vervangen als volgt :
« De namen van de agenten van gerechtelijke politie belast met de uitvoering van het bevel bedoeld in artikel 90ter, § 1, tweede lid, worden niet vermeld in het gerechtelijk dossier. ».
Verantwoording
Het gaat om een afstemming op het huidige artikel 90quater, § 3, eerste lid, van het Wetboek van strafvordering.
Art. 187
Het voorgestelde laatste lid vervangen als volgt :
« Hij brengt tegelijker tijd verslag uit over de toepassing van de artikelen 40bis, 46ter, 46quater, 47ter tot 47decies, 56bis, 86bis, 86ter, 88sexies en 89ter. ».
Verantwoording
Het betreft een aanpassing aan het huidige artikel 90decies, derde lid, van het Wetboek van strafvordering.
Art. 194
Het woord « ministerie » vervangen door het woord « minister ».
Verantwoording
Een eenvoudige technische correctie.
Art. 196
In het tweede lid van de voorgestelde tekst, doen vervallen de woorden « en kan de inverdenkinggestelde aan een psychiatrische of psychologische expertise onderwerpen ».
Verantwoording
Die wijziging beantwoordt aan het advies van de Raad van State, die meent dat die materie tot het deskundigenonderzoek behoort.
Art. 200
De eerste volzin van het eerste lid aanvullen met de woorden « in de volgende orde ».
Verantwoording
Overeenkomstig het advies van de HRJ moet er een trapsgewijze keuze worden gemaakt bij de toepassing van de artikelen 103 en 200.
Art. 211
In het voorgestelde vierde lid, doen vervallen de woorden : « , behoudens het hoger beroep voorzien in § 4, ».
Verantwoording
Overeenkomstig het advies van de OBFG, is het aangewezen dat recht te behouden, dat weliswaar de rechtspleging dreigt te verlengen, maar toch belangrijk blijft als mogelijkheid voor bijkomende onderzoekshandelingen.
Art. 218
Paragraaf 2, tweede lid, vervangen als volgt :
« Deze stukken kunnen enkel worden geraadpleegd met toestemming van de rechter en ze kunnen alleen maar worden gebruikt à decharge ».
Verantwoording
Wijziging op aanraden van het Hof van Cassatie (blz. 30).
Art. 227
In § 1, vierde lid, tussen het woord « leggen » en het woord « twee » de woorden « ten minste » invoegen.
Verantwoording
Wijziging op aanraden van de Raad van State (blz. 67).
Art. 227
Paragraaf 2 aanvullen als volgt : « Tegen deze beschikking is geen beroep mogelijk ».
Verantwoording
Deze wijziging stemt overeen met het advies van het Hof van Cassatie, dat vindt dat tegen de beschikking waarbij wordt beslist dat er geen grond bestaat om over de zaak zelf uitspraak te doen, geen hoger beroep mogelijk mag zijn.
Art. 228
In de voorlaatste volzin van de voorgestelde § 2, na het woord « raadkamer » de woorden « behoudens toepassing van artikel 7, § 2 » invoegen.
Verantwoording
De Belgische vereniging van onderzoeksrechters vindt dat een duidelijke uitzondering moet worden gemaakt voor de nietigheden van openbare orde die door de rechter ambtshalve kunnen worden uitgesproken en kunnen worden aangevoerd in elke fase van de rechtspleging, zelfs voor de eerste keer voor het Hof van Cassatie.
Art. 228
In de tweede en de vierde volzin van de voorgestelde § 2, na het woord « strafvordering » de woorden « en van de burgerlijke rechtsvordering » invoegen.
Verantwoording
Deze wijziging is ingegeven door de besprekingen in de Commissie voor de Justitie en door het advies van de Raad van State (blz. 68).
Art. 228
In de voorgestelde § 3 de woorden « de dag waarop de beschikking is gewezen » vervangen door de woorden « de dag na de beschikking ».
Verantwoording
Deze wijziging stemt overeen met het advies van het Hof van Cassatie dat vindt dat het aanvangstijdstip van de termijnen (zie artikel 16, eerste lid) uniform moet zijn.
Art. 230
In het voorgestelde derde lid het woord « verdachte » vervangen door het woord « inverdenkinggestelde ».
Verantwoording
Wijziging op aanraden van de Belgische Vereniging van Onderzoeksrechters.
Art. 230
Het voorgestelde derde lid aanvullen met de woorden « onder de voorwaarden bedoeld in artikel 267, § 1 en § 2 ».
Verantwoording
Deze wijziging stemt overeen met het advies van de BVOR en van het Hof van Cassatie en brengt artikel 230 in overeenstemming met artikel 267, § 1 en § 2.
Art. 230
In het voorgestelde laatste lid, na het woord « gevangenneming, » de woorden « al dan niet gepaard gaande met de voorlopige tenuitvoerlegging, » invoegen.
Verantwoording
Deze wijziging stemt overeen met het advies van de Raad van State (blz. 69) en vloeit voort uit de besprekingen in de commissie voor de Justitie.
Art. 232
In de Franse tekst van het voorgestelde laatste lid, de woorden « s'il l'estime utile » vervangen door de woorden « si elle l'estime utile ».
Verantwoording
Technische verbetering : het onderwerp van deze zin is vrouwelijk (la chambre des mises en accusation).
Art. 234
De laatste volzin van § 6 vervangen als volgt :
« Deze stukken kunnen enkel worden geraadpleegd met toestemming van de rechter en ze kunnen alleen maar worden gebruikt à decharge ».
Verantwoording
Wijziging op aanraden van het Hof van Cassatie (blz. 28).
Art. 237
In de Franse tekst in het voorgestelde laatste lid de woorden « cette prononciation » vervangen door de woorden « ce prononcé ».
Verantwoording
Het gaat om een eenvoudige technische correctie.
Art. 241
In het voorgestelde voorlaatste lid, de woorden « van de dag van » vervangen door de woorden « van de dag na ».
Verantwoording
Overeenkomstig het advies van het Hof van Cassatie moeten de aanvangstijdstippen van de termijnen geüniformeerd worden (artikel 16, eerste lid).
Art. 242
In het voorgestelde 6º, de eerste volzin aanvullen met de woorden « onverminderd artikel 261, tweede lid ».
Verantwoording
Overeenkomstig het advies van de Belgische Vereniging van Onderzoeksrechters moet worden herinnerd aan de uitzondering van de « eenzame opsluiting » voor ten hoogste drie dagen na het eerste verhoor.
Art. 243
In het voorgestelde 4º, de eerste volzin aanvullen met de woorden « onverminderd artikel 261, tweede lid ».
Verantwoording
Overeenkomstig het advies van de Belgische Vereniging van Onderzoeksrechters moet worden herinnerd aan de uitzondering van de « eenzame opsluiting » voor ten hoogste drie dagen na het eerste verhoor.
Art. 262
De voorgestelde § 3 wijzigen als volgt :
A. In het eerste lid, de woorden « Het dossier wordt » vervangen door de woorden « Een afschrift van het dossier wordt ».
B. Het tweede lid doen vervallen.
Verantwoording
A. Er moet aan worden herinnerd dat het origineel van het dossier, overeenkomstig artikel 137, derde lid, het bureau van de rechter niet mag verlaten.
B. Die wijziging komt tegemoet aan het advies van het Hof van Cassatie en van de Raad van State (blz. 73).
Art. 263
De voorgestelde § 3 wijzigen als volgt :
A. In het eerste lid, de woorden « Het dossier wordt » vervangen door de woorden « Een afschrift van het dossier wordt ».
B. Het tweede lid doen vervallen.
Verantwoording
A. Er moet aan worden herinnerd dat het origineel van het dossier, overeenkomstig artikel 137, derde lid, het bureau van de rechter niet mag verlaten.
B. Die wijziging komt tegemoet aan het advies van het Hof van Cassatie en van de Raad van State (blz. 73).
Art. 267
In de voorgestelde § 5, laatste lid, de woorden « de arresten » invoegen voor de woorden « van de kamer van inbeschuldigingstelling » en het woord « genomen » vervangen door het woord « uitgesproken ».
Verantwoording
Het gaat om een eenvoudige technische correctie.
Art. 271
De voorgestelde § 2 wijzigen als volgt :
A. In het vijfde lid, de woorden « Het dossier wordt » vervangen door de woorden « Een afschrift van het dossier wordt ».
B. Het zesde lid doen vervallen.
Verantwoording
A. Er moet aan worden herinnerd dat het origineel van het dossier, overeenkomstig artikel 137, derde lid, het bureau van de rechter niet mag verlaten.
B. Die wijziging komt tegemoet aan het advies van het Hof van Cassatie en van de Raad van State (blz. 73).
Art. 272
In de voorgestelde § 3, tweede lid, de woorden « van het instellen van het cassatieberoep » vervangen door de woorden « van de dag na het instellen van het cassatieberoep ».
Verantwoording
De aanvangstijdstippen van de termijnen moeten worden geüniformeerd overeenkomstig het advies van het Hof van Cassatie (artikel 16, eerste lid).
Art. 285
De woorden « met de datum » vervangen door de woorden « met de plaats en de datum ».
Verantwoording
Overeenkomstig het advies van het Hof van Cassatie moeten de akten van rechtsingang ook de plaats van de feiten vermelden.
Art. 288
In het voorgestelde tweede en derde lid, de woorden « of het ambachtsregister » doen vervallen.
Verantwoording
Overeenkomstig het advies van de Raad van State en van het Hof van Cassatie moet die vermelding worden geschrapt, aangezien het ambachtsregister niet meer bestaat (wet van 16 januari 2003 tot oprichting van een Kruispuntbank van ondernemingen).
Art. 289
Het voorgestelde artikel aanvullen met een nieuw lid, luidende :
« Indien de beklaagde in hechtenis is, wordt hij voor de rechter gebracht en op tegenspraak gevonnist. ».
Verantwoording
Er moet, overeenkomstig het advies van het Hof van Cassatie, rekening worden gehouden met het geval van de gedetineerde beklaagde.
Art. 297
In het voorgestelde tweede lid, de woorden « wordt, op vordering van het openbaar ministerie, door de rechtbank waarvoor hij moest verschijnen veroordeeld » vervangen door de woorden « kan, op vordering van het openbaar ministerie, door de rechtbank waarvoor hij moest verschijnen worden veroordeeld ».
Verantwoording
Het advies van de Belgische vereniging van onderzoeksrechters stelt dat er geen reden is om in een automatische sanctie te voorzien.
Art. 303
In het voorgestelde vierde en vijfde lid, de woorden « ten gronde » vervangen door de woorden « over de straf en over de burgerlijke vergoedingen ».
Verantwoording
Het gaat om een technische correctie die wordt voorgesteld door de Raad van State (blz. 79) en door de OBFG.
Art. 303
In de Franse tekst, in het voorgestelde vierde lid, de woorden « accusés » vervangen door de woorden « prévenus ».
Verantwoording
Het gaat om een technische correctie.
Art. 305
In de Franse tekst de woorden « d'audience » invoegen na het woord « procès-verbal ».
Verantwoording
Het gaat om een technische correctie die door de Raad van State wordt voorgesteld (blz. 80).
Art. 383
Na het woord « conclusie » invoegen de woorden « neergelegd na de samenstelling van de jury ».
Verantwoording
Het gaat om een technische correctie die wordt voorgesteld door het Hof van Cassatie.
Art. 388
Het tweede lid van het voorgestelde artikel aanvullen als volgt :
« Die gegevens zullen evenwel niet worden gevraagd aan de getuige wiens identiteit met toepassing van de artikelen 161 en 162 verborgen is gehouden. ».
Verantwoording
Het gaat om een technische correctie die wordt voorgesteld door de Belgische vereniging van onderzoeksrechters.
Art. 413
In het voorgestelde eerste lid, de woorden « , met uitzondering van de schriftelijke verklaringen van de getuigen » doen vervallen.
Verantwoording
Het Hof van Cassatie meent dat er met die stukken, die in veel gevallen zeer belangrijk zijn, wel degelijk rekening moet worden gehouden.
Art. 423
De woorden « , buiten het geval van artikel 118 van de wet van 18 juni 1869 op de rechterlijke organisatie, » doen vervallen.
Verantwoording
Het gaat om een technische aanpassing die wordt voorgesteld in het advies van de Raad van State (blz. 89) en van het Hof van Cassatie, als gevolg van de opheffing van die wet.
Art. 425
In het voorgestelde tweede lid, de woorden « artikel 336, eerste lid, » vervangen door de woorden « artikel 351, eerste lid, ».
Verantwoording
Het gaat om een technische aanpassing die de Raad van State (blz. 90) en het Hof van Cassatie in hun advies suggereren.
Art. 437
Dit artikel doen vervallen.
Verantwoording
Het gaat om een technische aanpassing die de Raad van State in zijn advies (blz. 90) voorstelt.
Art. 452
In het voorgestelde laatste lid, het cijfer « 3 » vervangen door het cijfer « 4 ».
Verantwoording
Het gaat om een technische aanpassing, die het Hof van Cassatie in zijn advies voorstelt.
Art. 453
In het voorgestelde tweede lid, het getal « 457 » vervangen door het getal « 458 ».
Verantwoording
Dit is een technische aanpassing die het Hof van Cassatie in zijn advies voorstelt.
Art. 456
In het voorgestelde laatste lid, het cijfer « 3 » vervangen door het cijfer « 4 ».
Verantwoording
Dit is een technische aanpassing die het Hof van Cassatie in zijn advies voorstelt.
| Philippe MAHOUX. Marie-José LALOY. Fauzaya TALHAOUI. Jean-Marie CHEFFERT. Luc WILLEMS. |
Art. 261
De voorgestelde bepaling, waarvan het eerste lid § 1 wordt en het tweede lid § 2, aanvullen met §§ 3, 4, 5 en 6, luidende :
« § 3. Als er ernstige redenen bestaan om te vrezen dat een inverdenkinggestelde zou pogen bewijzen te laten verdwijnen of zich zou verstaan met derden, kan de onderzoeksrechter bevelen om een inverdenkinggestelde gescheiden te houden van andere inverdenkinggestelden en, in afwijking van § 2 :
1º het bezoek verbieden van individueel in de beschikking vermelde personen van buiten de gevangenis;
2º de briefwisseling verbieden gericht aan of uitgaande van individueel in de beschikking vermelde personen;
3º telefonische contacten verbieden met individueel in de beschikking vermelde personen.
§ 4. De onderzoeksrechter neemt deze beslissing bij een met redenen omklede beschikking, die wordt overgeschreven in een daartoe bestemd register in de gevangenis en die door de directeur van de gevangenis wordt betekend aan de inverdenkinggestelde.
De beslissing geldt voor de strikt noodzakelijke duur door de onderzoeksrechter bepaald en uiterlijk tot op het ogenblik waarop hij het dossier overzendt aan de procureur des Konings overeenkomstig artikel 127, eerste lid, van het Wetboek van strafvordering.
§ 5. De beslissing van de onderzoeksrechter tot beperking van bezoek, briefwisseling en telefoongesprekken laat de rechten van de inverdenkinggestelde op deze contactmogelijkheden met zijn advocaat onverlet.
De beslissing van de onderzoeksrechter tot beperking van briefwisseling, laat de rechten van de inverdenkinggestelde op briefwisseling met personen met wie hij krachtens artikel 58 van de basiswet betreffende het gevangeniswezen en de rechtspositie van de gedetineerden zonder controle briefwisseling mag voeren, onverlet.
De onderzoeksrechter kan het bezoek van de in artikel 59, § 1, eerste lid, bedoelde personen, enkel beperken indien deze personen in verdenking werden gesteld, onverminderd de in artikel 59, § 1, tweede lid, van de basiswet betreffende het gevangeniswezen en de rechtspositie van de gedetineerden bepaalde bepalingen.
§ 6. De inverdenkinggestelde kan bij het onderzoeksgerecht dat oordeelt over de voorlopige hechtenis een verzoekschrift indienen tot wijziging of opheffing van de door de onderzoeksrechter krachtens § 1 opgelegde maatregelen. Het verzoekschrift wordt bij het dossier van de voorlopige hechtenis gevoegd.
« De procedure verloopt overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 21 tot 24. Hoger beroep tegen de beslissing wordt ingesteld overeenkomstig artikel 30 en cassatieberoep overeenkomstig artikel 31. ».
Verantwoording
De basiswet van 12 januari 2005 betreffende het gevangeniswezen en de rechtspositie van de gedetineerden (Belgisch Staatsblad van 1 februari 2005) vult artikel 20 aan van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis.
Dit amendement strekt ertoe die toevoeging in het voorstel op te nemen.
| Nathalie de T' SERCLAES. Marie-José LALOY. Philippe MAHOUX. |