3-115

3-115

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 2 JUNI 2005 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Voordracht van kandidaten voor het ambt van assessor in het Franstalig kader bij de afdeling wetgeving van de Raad van State (Stuk 3-1191)

De voorzitter. - Aan de orde is de voordracht van een lijst met drie namen voor het vacante ambt van Franstalig assessor, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 13 december 2004.

Bij brief van 29 april 2005 heeft de eerste voorzitter van de Raad van State de lijst met drie namen meegedeeld die door de Raad voor dit vacante ambt wordt voorgedragen.

De voordracht van de Raad was niet eenparig. Bijgevolg kan de Senaat, binnen een termijn van ten hoogste dertig dagen vanaf de ontvangst van de mededeling van de voordracht van de Raad, hetzij de door de Raad van State voorgedragen lijst bevestigen, hetzij een tweede lijst met drie namen, die uitdrukkelijk wordt gemotiveerd, voordragen.

De lijst van de kandidaten werd rondgedeeld.

Alle senatoren hebben kennis kunnen nemen van het curriculum vitae van de kandidaten, die allen voldoen aan de wettelijke benoemingsvoorwaarden.

De commissie voor Binnenlandse Zaken en Administratieve Aangelegenheden heeft de kandidaten gehoord op 31 mei jongstleden en is, met gesloten deuren, overgegaan tot een vergelijking van hun titels en verdiensten.

Alle senatoren waren uitgenodigd om deze hoorzitting bij te wonen.

De heer Francis Delpérée (CDH), rapporteur. - Overeenkomstig artikel 80 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State is een ambt van assessor te vervullen bij de afdeling wetgeving van de Raad van State.

Aangezien de algemene vergadering van de Raad van State geen eenparigheid van stemmen heeft bereikt bij de voordracht van kandidaten, moet de Senaat krachtens artikel 70, §1, lid 2 tot 12, van de genoemde gecoördineerde wetten hetzij een tweede lijst met drie namen die uitdrukkelijk wordt gemotiveerd, voordragen, hetzij de door de Raad van State voorgedragen lijst bevestigen.

Op dat punt bepaalt artikel 70, §1, dat de Senaat de kandidaten kan horen.

Tijdens zijn vergadering van 19 mei 2005 heeft het Bureau de commissie voor de Binnenlandse Zaken en voor de Administratieve Aangelegenheden verzocht daartoe over te gaan.

De zeven kandidaten voor een ambt van assessor werden dan ook door de voorzitter van die commissie uitgenodigd om gehoord te worden op 31 mei 2005 's ochtends. De commissie heeft gehoord:

De heer Guy Keutgen, hoogleraar aan de UCL;

De heer Yves Lejeune, hoogleraar aan de UCL;

De heer François Romain, advocaat bij de balie te Brussel en docent aan de ULB;

De heer François T'Kint, advocaat bij het Hof van Cassatie en hoogleraar aan de UCL;

De heer Georges Vandersanden, advocaat bij de balie te Brussel en hoogleraar aan de ULB.

Een van de kandidaten, de heer Henri Simonart, decaan van de faculteit Rechtsgeleerdheid van de UCL, heeft meegedeeld dat hij zijn kandidatuur intrekt. Een andere kandidaat, de heer Pascal Hanique, advocaat bij de balie te Brussel, heeft zich niet aangemeld voor de proef.

Overwegende dat:

heeft de commissie besloten de voordracht van de Raad van State te bevestigen en de motivering van de Raad over te nemen wat betreft de lijst van drie kandidaten, maar is ze tot een eigen beoordeling gekomen van de respectieve aanspraken en verdiensten van de kandidaten op basis van wat die tijdens de hoorzitting hebben verklaard.

Bij eenparigheid van de aanwezige leden, stelt de commissie voor dat de Senaat de heer Guy Keutgen als eerste kandidaat voordraagt en de heer François T'Kint als tweede kandidaat.

Beide kandidaten kunnen zich beroepen op een gelijkwaardige wetenschappelijke loopbaan. De heer Keutgen is bestuurder-secretaris-generaal geweest van het Verbond van Belgische Ondernemingen, bestuurder van de `Union wallonne des Entreprises', lid van de raad van toezicht van de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen, voorzitter van het Belgisch Centrum voor Arbitrage en Mediatie en heeft tal van andere functies uitgeoefend op het economisch en financieel niveau. Bijgevolg is de commissie van oordeel dat die kandidaat over een ruimere beroepservaring beschikt voor het ambt van assessor, dat volgens het proces-verbaal van de Raad van State hoofdzakelijk het domein van het economisch en het financieel recht zou bestrijken.

Daarom stelt de commissie voor dat de Senaat aan de minister van Binnenlandse Zaken een tweede lijst met drie namen voordraagt:

De heer Hugo Coveliers (Onafhankelijke). - Ik stel met ontsteltenis vast dat er bij de zeven kandidaten geen enkele vrouw is. Nochtans heeft de Raad van State nog een achterstand in te halen. Zou men niet beter wat meer aan prospectie doen? Er zijn zeer veel vrouwelijke juristen die zeer beslagen zijn in het administratief recht. Ik betreur ten zeerste dat van deze gelegenheid geen gebruik wordt gemaakt om te beginnen met het herstel van het genderevenwicht bij de Raad van State.

De voorzitter. - Ik neem kennis van uw bemerking.

Het komt de senatoren toe zich, middels een geheime stemming, uit te spreken over de respectieve merites van de verschillende kandidaten.

Wij gaan over tot de afzonderlijke geheime stemmingen voor de voordracht van een eerste, een tweede en een derde kandidaat voor het vacante ambt van assessor.

De curricula vitae van de kandidaten zullen aan de beslissing van de Senaat worden gehecht.

Het lot wijst de dames Derbaki Sbaï en Van de Casteele aan om de functie van stemopnemers te vervullen.

U hebt een omslag ontvangen met de nodige stembriefjes voor de drie stembeurten.

Wij stemmen nu over de voordracht van de eerste kandidaat. U kan hiervoor gebruik maken van het lichtblauwe stembiljet.

De stemming is geopend. Ze begint met de naam van de heer Cheffert.

(Tot de geheime stemming wordt overgegaan.)