Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 3-25

ZITTING 2003-2004

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Vice-eerste minister en minister van Justitie

Vraag nr. 3-1276 van de heer Ceder d.d. 3 augustus 2004 (N.) :
Guantanamo Bay (Cuba). ­ Gevangenen met Belgische nationaliteit.

In Guantanamo Bay, de Amerikaanse marinebasis op Cuba, worden twee Belgen door de Amerikaanse strijdkrachten vastgehouden, naar wij aannemen ingevolge hun betrokkenheid bij of hun deelname aan de strijd van de radicale islam in Afghanistan (Al Qaeda, Taliban, ...).

Naar wij kunnen opmaken uit het antwoord van de voormalige minister van Buitenlandse Zaken, de heer Michel, op vraag om uitleg nr. 3-166 van 11 maart 2004, worden er door het ministerie van Buitenlandse Zaken inspanningen geleverd om deze personen naar België te repatriëren. Gelet op de veronderstelde activiteiten van beide heren in Afghanistan kunnen daar heel wat vragen bij worden gesteld.

1. Welke rol hebben beide betrokkenen in Afghanistan gespeeld ?

2. Zijn zij bekend bij de Staatsveiligheid ? Zo ja, voor welke feiten ?

3. Wanneer hebben beide betrokkenen de Belgische nationaliteit verworven en via welke procedure is dat verlopen ?

4. Welke is hun oorspronkelijke nationaliteit ?

5. Met welke bedoeling wordt er gepoogd hen terug naar België te halen ?

6. Overweegt Justitie stappen tegen beiden, zo ja, welke stappen en op welke gronden ?

7. Indien zij onder de bepalingen van artikel 23 van de nationaliteitswet van 28 juni 1984 vallen, wordt er dan overwogen hun Belgische nationaliteit te ontnemen op grond van ernstige tekortkomingen aan de verplichtingen die zij hebben als Belgisch burger ?

a) Heeft het openbaar ministerie terzake al de nodige stappen gezet ? Zo neen, waarom niet ? Indien ja, wat is de actuele stand van zaken ?

b) Overweegt de geachte minister gebruik te maken van haar positief injunctierecht om dit te bewerkstelligen ?

Antwoord : De twee Belgische onderdanen die momenteel gevangen zitten op de marinebasis van Guantamo Bay hadden geen enkel gerechtelijk antecedent, ze waren noch nationaal, noch internationaal geseind en waren bij de Belgische autoriteiten niet bekend wegens feiten van activisme of extremisme.

Deze twee personen hebben de Belgische nationaliteit verworven, de ene persoon in 1985, met toepassing van artikel 12 van het Wetboek van de Belgische nationaliteit van 1984 en de andere in 1996, met toepassing van artikel 12bis van hetzelfde wetboek. Hun familie is repectievelijk van oorsprong Turks en Marokkaans.

Wat betreft de eventuele reden om deze personen eventueel terug naar België te brengen, veroorloof ik mij u te verwijzen naar het antwoord van de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken op de vraag nr. 3-166, waarnaar uzelf verwijst.

Het openbaar ministerie heeft een gerechtelijk onderzoek opgestart ten laste van de betrokkenen, zodra de informatie over hun gevangenzetting op Guantanamo Bay bekend was. Indien de betrokkenen aan België worden overgedragen, is het aan het federaal parket om te oordelen over de opportuniteit en over de wettelijke basis op het gebied van de vervolging.

De vraag over het eventueel ontnemen van de nationaliteit van deze personen kan pas na afloop van deze gerchtelijke procedure onderzocht worden.