Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 7-1824

van Steven Coenegrachts (Open Vld) d.d. 21 november 2022

aan de vice-eersteminister en minister van Middenstand, Zelfstandigen, KMO's en Landbouw, Institutionele Hervormingen en Democratische Vernieuwing

Wildbraad - Regelgeving voor het vermarkten - Versoepelingen - Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen (FAVV) - Standpunt

commercialisering
vlees van wild
Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen
voedingsproduct
dierlijk product

Chronologie

21/11/2022Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 22/12/2022)
2/1/2023Antwoord

Vraag nr. 7-1824 d.d. 21 november 2022 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Ik verwijs naar mijn eerdere schriftelijke vraag nr. 7-1439 aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid van 17 december 2021 en het antwoord erop. De minister verwees naar u voor het antwoord.

In het kader van de stijgende everzwijnenpopulatie kwam Vlaams minister Zuhal Demir in september 2020, na overleg met de jachtsector, de landbouwsector en natuurverenigingen met een everzwijnenplan.

Om jagers te stimuleren meer everzwijnen te schieten, zou de minister vervolgens aan het Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen (FAVV) vragen om de geschoten dieren te mogen vermarkten. Dat vormt momenteel een rem voor vele jagers om everzwijnen te schieten. De diepvriezen zitten vol en ze weten geen blijf met hun wildbraad. In Nederland is de vermarkting onder bepaalde voorwaarden wel mogelijk.

Uit het antwoord op mijn schriftelijke vraag in het Vlaams Parlement nr. 586 (2021-2022) van 10 maart 2022 blijkt dat er al verschillende informele contacten waren met het FAVV en enkele formele initiatieven om de problematiek van vermarkting van wildbraad, de controle op de handel in wild en de particuliere kweek van wild aan te kaarten. Tot op heden zou het FAVV niet zijn ingegaan op een concrete vraag tot overleg. «Het federaal voedselagentschap heeft nu recent opnieuw laten weten bereid te zijn om in het voorjaar aan de tafel te gaan zitten.», aldus minister Demir.

Wat betreft het transversaal karakter van de schriftelijke vraag: de bevoegdheid van het Vlaamse Gewest inzake natuurbehoud (in ruime zin) is gebaseerd op artikel 6, § 1, III, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen. Het FAVV is een federale instelling die waakt over de voedselveiligheid. Het betreft dus een transversale aangelegenheid met de Gewesten.

Ik heb hierover volgende vragen:

1) Om welke reden is het FAVV tot op heden niet ingegaan op de vraag om de vermarkting van wildbraad te versoepelen? Kan u dit gedetailleerd oplijsten?

2) Acht het FAVV het mogelijk dat er alsnog een versoepeling zal komen inzake de vermarkting van wildbraad? Waarom wel? Waarom niet?

Antwoord ontvangen op 2 januari 2023 :

Deze kwestie werd aangekaart door het Agentschap Natuur en Bos tijdens het door het Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketten (FAVV) georganiseerde «High Level Overleg FAVV-Gewesten» van september 2022. Dit is een forum bedoeld voor overleg op topmanagementniveau tussen het FAVV en de betrokken bevoegde overheden van de Gewesten.

Ik wil erop wijzen dat de voorgestelde piste van het in de handel brengen van geschoten wild op zich de overbevolking van wilde zwijnen niet zal oplossen, doch het zou wel een kleine bijdrage hieraan kunnen leveren.

Het FAVV dient ervoor te zorgen dat de consumenten voedselveilige levensmiddelen kunnen verkrijgen. Elke hantering van karkassen van wild, dus ook het versnijden ervan, kan leiden tot een besmetting van het vlees. Om het risico van besmetting te beperken, kan deze hantering daarom het best uitgevoerd worden door bevoegd personeel in erkende inrichtingen die onder toezicht van het FAVV staan.

Jagers die geen professionelen zijn in de verwerking van vlees en die niet over specifieke voorzieningen beschikken, kunnen momenteel gebruik maken van deze erkende inrichtingen, waarvan er in België veel zijn. Consumenten die dat wensen, kunnen nu reeds een volledig stuk wild rechtstreeks van een jager kopen en, onder eigen verantwoordelijkheid, beslissen het zelf te versnijden. Hetzelfde geldt voor jagers die het wild dat zij hebben bejaagd zelf willen consumeren.

Het verbod op het versnijden door jagers van ongekeurd wild met het oog op rechtstreekse levering aan de eindconsument voorkomt praktijken waarbij de veiligheid van het vlees in gevaar wordt gebracht.

Tijdens het hierboven vernoemde «High Level Overleg FAVV-Gewesten» van september 2022 werd afgesproken dat het FAVV de uitbreiding van de huidige wettelijke mogelijkheden voor het in de handel brengen van wild verder zal onderzoeken en dit binnen de grenzen die verordening (EG) nr. 853/2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong toelaat.

Tijdens bovengenoemd overleg van september 2022 is overeengekomen dat het FAVV de uitbreiding van de huidige wettelijke mogelijkheden voor het in de handel brengen van wild nader zou bestuderen, binnen de grenzen van verordening (EG) nr. 853/2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong.

Een aanpassing van het koninklijk besluit van 7 januari 2014 betreffende de rechtstreekse levering, door een primaire producent, van kleine hoeveelheden van sommige levensmiddelen van dierlijke oorsprong aan de eindverbruiker of aan de plaatselijke detailhandel zal noodzakelijk zijn om de jager toe te staan het geschoten wild rechtstreeks te verkopen aan horecazaken of de detailhandel, zonder via een erkende inrichting te passeren. In 2023 zal het FAVV een voorstel opmaken dat ik zal analyseren en daarna zal het Agentschap de nodige stappen ondernemen voor deze aanpassing.