Cryptomunten - Vastgoedtransacties - Betaalmiddel - Mogelijke toestemming
onroerend eigendom
virtuele munteenheid
elektronisch betaalmiddel
BTW
registratierecht
strafrecht
| 10/11/2022 | Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 15/12/2022) |
| 14/11/2022 | Antwoord |
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 7-1812
Tegen een achtergrond van spectaculaire koerspieken en -dalen zetten cryptomunten hun eerste stappen als gangbaar betaalmiddel binnen onze reguliere economie. Steeds meer ondernemingen bieden de consument de mogelijkheid om te betalen met bitcoin.
Algemeen vertoont een Bitcoin-transactie grote gelijkenissen met de uitvoering van een overschrijving via online banking: een gebruiker geeft een «overschrijvingsopdracht» in op een bijzonder softwareplatform. De gebruiker ondertekent de opdracht met een uniek wachtwoord en bevestigt dat de overschrijving kan worden uitgevoerd. Door die bevestiging wordt de beoogde «overschrijving» ter goedkeuring voorgelegd aan een autoriteit, die desgevallend het juiste bedrag verrekent op de betrokken «rekeningen».
Het voornaamste verschil tussen een Bitcoin-transactie en een traditionele overschrijving bestaat erin dat een Bitcoin-transactie niet wordt geverifieerd door een centrale autoriteit (zoals een bank), maar door een gedecentraliseerd «peer-to-peer»-netwerk.
Echter rijst de vraag of het gebruik van cryptomunten als betaalmiddel verzoenbaar is met de toepasselijke Belgische wetgeving. Tot op heden is er in België nog geen geval bekend waarbij een onroerend goed werd aangekocht met cryptomunten als wettig betaalmiddel.
Wat betreft het transversaal karakter van de schriftelijke vraag: de verschillende regeringen en schakels in de veiligheidsketen zijn het eens over de fenomenen die de komende vier jaar prioritair moeten worden aangepakt. Die staan gedefinieerd in de Kadernota Integrale Veiligheid en het Nationaal Veiligheidsplan 2022-2025, en werden besproken tijdens een Interministeriële Conferentie, waarop ook de politionele en justitiële spelers aanwezig waren. Internet en nieuwe technologie alsook witwassen is één van de transversale prioriteiten. De zogenaamde «cryptocurrency» vallen hieronder. Het betreft aldus een transversale aangelegenheid met de Gewesten waarbij de rol van de Gewesten vooral ligt in het preventieve luik.
Graag vernam ik van de geachte minister:
1) Acht hij het gebruik en uitgeven van cryptomunten als betaalmiddel verzoenbaar met artikel 178bis van het Strafwetboek? In het ontkennend geval, acht hij een wetswijziging noodzakelijk om het gebruik van cryptomunten als wettig betaalmiddel te legaliseren?
2) Wat is volgens hem de oorzaak dat er tot op heden vooralsnog geen woningen werden aangekocht met cryptomunten?
Aanvaarden de bevoegde administraties de betaling van de belasting over de toegevoegde waarde (btw) of registratierechten met cryptomunten? In het ontkennend geval, wat is de specifieke reden dat de betaling van deze belastingen met cryptomunten niet wordt aanvaard?
Ik verwijs u naar het antwoord van de minister van Financiën, de heer Vincent Van Peteghem.