Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 7-1337

van Steven Coenegrachts (Open Vld) d.d. 2 september 2021

aan de minister van Defensie

Militaire domeinen - Burgerinitiatieven

militaire basis
krijgsmacht
publiek eigendom

Chronologie

2/9/2021Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 7/10/2021)
20/10/2021Antwoord

Vraag nr. 7-1337 d.d. 2 september 2021 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

De website van Defensie vermeldt het volgende: «Is je jeugdbeweging op zoek naar een bivakplaats of wil je met je sportvereniging gebruik maken van de sportinfrastructuur van Defensie? Dat kan. Ook andere verenigingen kunnen onder voorwaarden activiteiten organiseren op militair domein.»

Recent verscheen er op 7 juli jongstleden een artikel in De Gazet van Antwerpen waarbij de Koninklijke Kynologische Vereniging Brabo, de grootste hondenclub van het land, haar concessie op militair domein eind 2023 ziet aflopen. «Volgens Defensie zijn er geen burgeractiviteiten toegelaten op militair domein, als die ook elders kunnen.» aldus het artikel.

Hoewel mogelijke activiteiten op vlak van Jeugd, Toerisme en Sport binnen de bevoegdheidsverdeling van de deelstaten valt, wordt de organisatie van militaire domeinen op federaal niveau geregeld. Het betreft dus een transversale Gemeenschapsaangelegenheid.

Ik heb hierover volgende vragen:

1) Hoeveel burgerinitiatieven/activiteiten vonden plaats op militaire domeinen? Graag een overzicht per jaar en per provincie voor de periode 2010-2020 en met vermelding van de aard van de burgerinitiatieven/activiteiten. Hoe evalueert de minister deze evolutie? Welke verklaringen kan de minister hieraan geven?

2) Hoeveel bedroeg de huurprijs voor deze burgerinitiatieven/activiteiten? In welke mate evolueerde deze huurprijs in de periode 2010-2020?

3) Voor welke termijnen werden bovenstaande burgerinitiatieven/activiteiten toegekend?

4) Kan de minister een overzicht geven van het aantal burgerinitiatieven/activiteiten waarvan de periode van de overeenkomst langer is dan twee jaar? Graag een overzicht per provincie en met vermelding van de aard van de burgerinitiatieven/activiteiten.

5) Op basis van welke criteria worden burgerinitiatieven al dan niet toegelaten op militaire domeinen?

Antwoord ontvangen op 20 oktober 2021 :

1) U vindt in tabel A een overzicht van de burgeractiviteiten, echter slechts vanaf 2013, het jaar waarop een centrale beheertool ter zake binnen Defensie werd geïmplementeerd.

De jaarlijkse vermindering van het aantal activiteiten is het gevolg van een in 2021 ingevoerd centraal beheer, waardoor het derden gebruik op een uniforme en coherente wijze wordt toegekend.

Naar aanleiding van de COVID-maatregelen, is er een significante daling van de activiteiten vanaf 2020 merkbaar.

Tabel A

1/2

Gebruik van het militair domein ten voordele van burgerinitiatieven

Provincie

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

Brussels Hoofdstedelijk Gewest – Vlaams- en Waals- Brabant

57

77

78

75

75

74

73

77

West-Vlaanderen

34

43

43

41

43

42

58

61

Oost-Vlaanderen

8

22

24

21

24

31

29

34

Antwerpen

83

113

118

126

123

138

133

138

Limburg

88

113

121

122

128

133

128

118

Liège

25

33

34

37

35

39

44

57

Namur

39

47

58

60

60

64

80

72

Hainaut

12

13

14

17

16

16

18

20

Luxembourg

11

17

29

27

29

18

9

12

Totaal

357

478

519

526

533

555

572

589

2/2

Aard

% (*)

Sport

32%

Gebruik van admin lokalen

6%

Opslag

8%

Weginfrastructuur

1%

Logement en bivak

14%

Evenementen en gemotoriseerde activiteit

9%

Natuur (inventarisatie, onderzoek, enz.)

4%

Schietstand

3%

Allerlei (viabiliteiten, recht van doorgang, enz.)

23%

(*) Stabiele cijfers wat verdeling over de jaren heen betreft.

2) Aan de ter beschikkingstelling van het onroerend patrimonium zijn kosten verbonden die bestaan uit hoofdzakelijk een retributie geïnd door de Federale Overheidsdienst (FOD) Financiën en enkele kleine verbruikskosten ten voordele van Defensie.

Sinds 2018 wordt er eveneens, per gehonoreerd aanvraagdossier, een éénmalige forfaitaire administratieve kost aangerekend van 60 euro.

3) Vanuit beheersmatig oogpunt wordt er sinds 2018 naar gestreefd de periodes van de precaire ter beschikkingstelling, bij zowel nieuw als hernieuwd gebruik, in de tijd in te perken tot 1 jaar. Dit laat toe om vlotter in te spelen op elke verandering, zowel vanuit Defensie als de derde.

Enkel waar continuïteit aangewezen is inzake beheer wordt een periode langer dan 1 jaar toegepast. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de concessies voor natuur inventarisatieprogramma’s, vlieg- of schietclubs op militair terrein.

4) Een overzicht van de in 2020 lopende domaniale vergunningen voor burgeractiviteiten met een looptijd groter dan 2 jaar bevindt zich in tabel B.

Tabel B

5) De criteria die gehanteerd worden, zijn terug te vinden op de website van Defensie onder de rubriek «verhuur van infrastructuur». Deze criteria zijn:

– De benodigde infrastructuur is enkel aanwezig op militair domein en niet in de privésector.

Het gebruik van de militaire infrastructuur mag geen oneerlijke concurrentie inhouden tegenover de privésector;

– De activiteit moet van openbaar nut zijn;

– De organisatie moet een humanitair, vaderlandslievend of cultureel oogmerk hebben. Een goed doel op zich volstaat niet als motivering;

– De activiteit moet een link hebben met Defensie of een meerwaarde voor Defensie creëren;

– De activiteiten die je vereniging op militair domein uitvoert, mogen het imago van Defensie niet schaden;

– Vervuilende en gemotoriseerde activiteiten, net als airsoft, paintball, 3D-natuurschieten of gelijkaardige activiteiten zijn strikt verboden;

– Op militaire domeinen die van eigenaar zullen veranderen, worden in principe geen nieuwe concessies toegestaan, tenzij aan de toekomstige eigenaar.