Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 6-1464

van Philippe Mahoux (PS) d.d. 19 mei 2017

aan de vice-eersteminister en minister van Werk, Economie en Consumenten, belast met Buitenlandse Handel

Richtlijn 2001/23/EG van de Raad van 12 maart 2001 betreffende het behoud van de rechten van de werknemers bij overgang van ondernemingen - Onderdeel « overheidsbedrijven » - Geen omzetting - Redenen - Overleg met de gemeenschappen en gewesten

richtlijn (EU)
bedrijfsverplaatsing
voorlichting van de werknemers
raadpleging van de werknemers
arbeidsrecht
overheidsbedrijf

Chronologie

19/5/2017 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 22/6/2017 )
23/5/2019 Einde zittingsperiode

Vraag nr. 6-1464 d.d. 19 mei 2017 : (Vraag gesteld in het Frans)

Richtl?n 2001/23/EG van de Raad van 12 maart 2001 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten betreffende het behoud van de rechten van de werknemers b? overgang van ondernemingen, vestigingen of onderdelen van ondernemingen of vestigingen werd gedeeltelijk in Belgisch recht omgezet door de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 32bis van 7 juni 1985 betreffende het behoud van de rechten van de werknemers bij de wijzigiging van werkgever ingevolge de overgang van ondernemingen krachtens overeenkomsten tot regeling van de rechten van de werknemers die overgenomen worden bij overname van activa na faillissement, gewijzigd door de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 32ter van 2 december 1986, nr. 32quater van 19 december 1989 en nr. 32quinquies van 13 maart 2002.

Deze collectieve arbeidsovereenkomst is, zoals alle collectieve arbeidsovereenkomsten, krachtens de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités enkel van toepassing op werkgevers in de privésector. Ze is dus niet van toepassing op werknemers van overheidsbedrijven.

Aangezien richtl?n 2001/23/EG zowel betrekking heeft op bedrijven in de privésector als op overheidsbedrijven (artikel 1,c: “Deze richtlijn is van toepassing op openbare en particuliere ondernemingen die een economische activiteit uitoefenen, al dan niet met winstoogmerk”), moet ze nog omgezet worden wat de overheidsbedrijven betreft.

1) Waarom is richtl?n 2001/23/EG nog niet omgezet in Belgisch recht wat de overheidsbedrijven betreft?

2) Is overleg met de bevoegde instanties van de deelstaten aangewezen met betrekking tot de overheidsbedrijven van de gewesten en gemeenschappen?