Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-11003

van Els Van Hoof (CD&V) d.d. 31 januari 2014

aan de staatssecretaris voor Ambtenarenzaken en Modernisering van de Openbare Diensten, toegevoegd aan de minister van FinanciŽn en Duurzame Ontwikkeling, belast met Ambtenarenzaken

Ambtenarij - Quotum voor vrouwelijke topambtenaren - Stand van zaken

ambtenaar
gelijke behandeling van man en vrouw
gelijke behandeling
officiŽle statistiek

Chronologie

31/1/2014 Verzending vraag
28/4/2014 Einde zittingsperiode

Vraag nr. 5-11003 d.d. 31 januari 2014 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

In de loop van 2012 voerde de Ministerraad quota in voor vrouwelijke topambtenaren. Op dat moment waren gemiddeld slechts 13 % van de 114 benoemde topmanagers en 27 % van de 1820 ambtenaren in het middenmanagement (klassen A3, A4 en A5) van de gehele federale administratie vrouwen. Tegen 2013 moesten die cijfers opgetrokken zijn tot ťťn derde in elke dienst om zo het algemene gemiddelde naar boven te brengen. Elke dienst die de streefcijfers niet haalde, moest bij evenwaardig gerangschikte laureaten de voorkeur geven aan de vrouwelijke kandidaat. Zodra de doelstelling werd gehaald, zou de maatregel worden opgeschort.

Graag kreeg ik van de staatssecretaris een stand van zaken rond de quota voor vrouwelijke topambtenaren. Vandaar volgende vragen:

1) Werd het tijdelijke quotum van 33,33 % gehaald? Zo ja, werd de maatregel opgeschort? Zo neen, werd de maatregel verlengd en in dat geval tot wanneer?

2) Hoeveel topmanagers in de verschillende diensten van de federale administratie zijn vrouwen, uitgesplitst naar dienst en zowel procentueel als in absolute cijfers?

3) Hoeveel keer en in welke diensten werd de voorrangsregel bij evenwaardig gerangschikte kandidaten gebruikt, uitgesplitst voor 2012 en 2013?

4) Welke andere maatregelen plant de staatssecretaris om de evenwichtige vertegenwoordiging van vrouwen en mannen bij de topmanagers en het middenmanagement te bewaken?