Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 4-1336

van Philippe Mahoux (PS) d.d. 24 juli 2008

aan de minister van Buitenlandse Zaken

Organisatie van de Verenigde Naties (OVN) - Waterbeleid - Belgisch standpunt

VN
waterbeheer
drinkwater
ontwikkelingsland

Chronologie

24/7/2008 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 29/8/2008 )
24/11/2008 Antwoord

Vraag nr. 4-1336 d.d. 24 juli 2008 : (Vraag gesteld in het Frans)

In een verslag dat eind juni 2008 werd gepubliceerd, wees de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) nogmaals op het belang van water voor het welzijn van de mensen en op de omvang van menselijke tragedies die al te vaak het gevolg zijn van de niet-beschikbaarheid van drinkwater.

9,1 % van de ziekten in de wereld zijn te wijten aan problemen in verband met water, van waterzuivering en hygiŽne. Water is de oorzaak van 22 % van de aandoeningen van kinderen onder de 14 jaar en is verantwoordelijk voor 8 % van de sterftegevallen in de ontwikkelingslanden. Dagelijks sterven meer dan 4 000 mensen aan ziekten die het gevolg zijn van het drinken van water dat niet geschikt is voor consumptie.

We moeten nogmaals herhalen dat op dit ogenblik meer dan 1,4 miljard mensen in de wereld geen toegang hebben tot drinkwater en dat 2,4 miljard mensen het moeten stellen zonder behoorlijke sanitaire voorzieningen. Het gevolg van die situatie is angstaanjagend want elke dag sterven 30 000 mensen aan ziekten die zowel te wijten zijn aan een gebrek aan gezond water als aan de afwezigheid van efficiŽnte gezondheidszorg, terwijl de Verenigde Naties in 1980 hadden beloofd dat iedereen tegen het jaar 2000 toegang tot water zou hebben.

Het dringende karakter van een efficiŽnt waterbeleid in het algemeen is voor iedereen wel een evidente zaak, maar de uitvoering ervan is op zijn minst incoherent, vooral omdat talrijke instellingen van de Verenigde Naties voor die materie bevoegd zijn.

Omdat er zoveel instellingen zijn, zijn sommigen de mening toegedaan dat een centralisatie van het waterbeleid in ťťn enkel orgaan een efficiŽnter waterbeleid op wereldniveau mogelijk zou kunnen maken.

Wat is het standpunt ter zake van BelgiŽ ?

Antwoord ontvangen op 24 november 2008 :

1. België heeft sedert 2002 een ontwikkelingsstrategie op het vlak van basisinfrastructuur, waarvan de sector van water en sanitaire voorzieningen het belangrijkste deel uitmaakt. Sindsdien maakt de steun aan initiatieven van partnerlanden, in verband met water en sanitaire voorzieningen, deel uit van de prioritaire assen van de Belgische samenwerking op het vlak van basisinfrastructuur. België steunt in deze zin initiatieven, waarvan de doelstellingen zijn: (1) de millenium-doelstellingen (MDG’s) bereiken in verband met drinkbaar water en sanitaire voorzieningen en (2) een goed beheer van de watervoorzieningen garanderen, in het licht van een duurzame ontwikkeling, en op deze manier de publieke gezondheid en die van de ecosystemen beter verzekeren en beschermen.

2. België heeft een bijzondere belangstelling voor een efficiënt mondiaal bestuur van water en sanitaire voorzieningen. Deze bekommernis ligt aan de basis van de Belgische samenwerking tijdens verschillende politieke dialogen (gemengde commissie, partnercomité, bilaterale consultaties, enz) met de partners (prioritaire ontwikkelingslanden en organisaties van het VN-systeem en Bretton Woods instellingen, en de civiele maatschappij).

3. België spaart geen moeite om in dit verband de lacunes inzake regulering, lokale verantwoordelijkheden – vaak verspreid over verschillende ministeries (milieu, landbouw, hydraulica, enz), en ook deze tussen donoren en ontwikkelingsagentschappen en soms tussen verschillende landen (geval van de hydrografische reservoirs in grenszones) te verhelpen.

Belgische positie in verband met het idee van een versterking van de efficiëntie van het beleid op het vlak van water via de centralisering door een enkel orgaan.

4. België maakt actief deel uit van het initiatief UN-Water. Ze verdedigt, in het kader van deze koepelorganisatie, de oprichting van operationele en efficiënte controlemechanismen, zonder dewelke de institutionele integriteit zou worden aangetast, de toegang tot waterbronnen en water bemoeilijkt wordt, en de gezondheid van bevolkingsgroepen en hun levensmiddelen in gevaar worden gebracht.

Ter herinnering, UN-Water bestaat uit verschillende agentschappen, programma’s en fondsen van de VN die een belangrijke rol spelen in het beheer van mondiale kwesties in verband met water, inclusief sanitaire voorzieningen. Zij overspant ook de belangrijkste partners die niet tot het VN-systeem behoren met wie wordt gewerkt aan de doelstellingen van het Decennium van het Water, de Millenium verklaring inbegrepen.

UN-Water is in het bijzonder belast met het evalueren van de staat en de ontwikkelingen van de waterbronnen op mondiaal en regionaal niveau. Twee publicaties zijn hier belangrijk. Het mondiale rapport over de exploitatie van waterbronnen geeft een periodiek bilan terzake. Het gemeenschappelijk opvolgingsprogramma voor water en sanitaire voorzieningen (van het WHO en UNICEF) levert informatie over toegang tot water en sanitaire diensten.

België heeft trouwens de principes onderschreven op het vlak van beheer dat gebaseerd is op ontwikkelingsresultaten, inclusief hun effectieve vertaling en activiteiten op het terrein. Via haar bijdragen aan de commissie voor Duurzame Ontwikkeling (CSD), aan het Water Forum (WWF), aan het Europese Water Initiatief (EUWI), enz., met inbegrip van haar verschillende ontwikkelingstussenkomsten, draagt zij bij aan de coherentie en harmonisatie van het ontwikkelingsbeleid van donoren. De ontwikkeling op het terrein van synergieën en complementaire acties maakt ook deel uit van haar prioritaire acties.